Kunst en cultuur · voortgezet onderwijs
Kerndoel 41: De leerling maakt kunstzinnige uitingen
De leerling maakt kunstzinnige uitingen.
2 onderdelen, 10 uitwerkingen · domein Maken en betekenis geven
Verbeelden en creëren
De leerling drukt zich individueel en samen met anderen uit in vormen van kunst.
- 41-A-1
Gebruiken van vormgevingselementen uit beeldende kunst en muziek, alsmede van dans of film of theater bij het maken van eigen werk.
- 41-A-2
Verbeelden van verhalen, ideeën, gedachten, ervaringen en gevoelens.
- 41-A-3
Maken van kunstzinnige uitingen als reactie op maatschappelijke vraagstukken en gebeurtenissen.
- 41-A-4
Ontwerpen en realiseren van toegepaste vormen van kunst.
- 41-A-5
Herinterpreteren van bestaand werk.
Kunstzinnige technieken en vaardigheden
De leerling kiest en gebruikt bekende en nieuwe technieken en vaardigheden bij het maken van individueel en gezamenlijk werk.
- 41-B-1
Beeldende materialen, technieken en gereedschappen.
- 41-B-2
Muzikale technieken en instrumenten.
- 41-B-3
Fotografische en filmische technieken of.
- 41-B-4
Dansante technieken of.
- 41-B-5
Spel- en acteertechnieken.
Zoek je Kunst en cultuur voor het primair onderwijs? Bekijk kerndoel 35 t/m 37 van het primair onderwijs.
Bron: SLO, Kerndoelen voortgezet onderwijs (2026, derde druk). Wij nemen de tekst ongewijzigd over. Laatst gecontroleerd op 17 augustus 2026.
