Moderne vreemde talen: Engels · voortgezet onderwijs

Kerndoel 35: De leerling communiceert in het Engels

De leerling communiceert in het Engels.

4 onderdelen, 25 uitwerkingen · domein Communicatie

35-A

Kijk- en luistervaardigheid

De leerling toont begrip van auditieve en audiovisuele Engelstalige teksten.

  1. 35-A-1

    Langzaam en duidelijk uitgesproken geïllustreerde fictie- en non-fictieteksten over voorspelbare en alledaagse zaken in heldere standaardtaal en een vertrouwde taalvariëteit.

  2. 35-A-2

    Onderscheiden van de klanken van het Engels en van verschillende Engelse taalvariëteiten.

  3. 35-A-3

    Inzetten en uitbreiden van woordenschat, kennis over taal en kennis van de wereld.

  4. 35-A-4

    Onderscheiden van relevante informatie uit auditieve en audiovisuele teksten.

  5. 35-A-5

    Gebruiken van passende kijk- en luisterstrategieën.

  6. 35-A-6

    Duidelijk gestructureerde en helder uitgesproken fictie- en non-fictieteksten over bekende onderwerpen, eventueel verhelderd door beeld en opmaak.

    havo/vwo

  7. 35-A-7

    Onderscheiden van tekstsoorten en tekstkenmerken.

    havo/vwo

35-B

Leesvaardigheid

De leerling toont begrip van schriftelijke Engelstalige teksten.

  1. 35-B-1

    Geïllustreerde fictie- en non-fictieteksten over voorspelbare en alledaagse zaken in heldere standaardtaal en een vertrouwde taalvariëteit.

  2. 35-B-2

    Inzetten en uitbreiden van woordenschat, kennis over taal en kennis van de wereld.

  3. 35-B-3

    Onderscheiden van relevante informatie uit schriftelijke teksten.

  4. 35-B-4

    Gebruiken van passende leesstrategieën.

  5. 35-B-5

    Duidelijk gestructureerde fictie- en non-fictieteksten over bekende onderwerpen, eventueel verhelderd door beeld en opmaak.

    havo/vwo

  6. 35-B-6

    Onderscheiden van tekstsoorten en tekstkenmerken.

    havo/vwo

35-C

Mondelinge communicatie

De leerling spreekt en voert gesprekken in de Engelse taal, afgestemd op doel, publiek en context.

  1. 35-C-1

    Overbrengen van vertrouwde en alledaagse informatie, gevoelens en interesses.

  2. 35-C-2

    Actief deelnemen aan eenvoudige gesprekken over vertrouwde, feitelijke en alledaagse onderwerpen.

  3. 35-C-3

    Inzetten en uitbreiden van eenvoudige, veelgebruikte en alledaagse woordenschat, woordcombinaties, uitdrukkingen, zinnen en taalstructuren.

  4. 35-C-4

    Gebruiken van passende spreek- en gespreksbevorderende strategieën.

  5. 35-C-5

    Overbrengen van feitelijke informatie in korte informele en formele sociale interacties.

    havo/vwo

  6. 35-C-6

    Doelgericht gesprekken voeren om het uitvoeren van een gezamenlijke taak te bevorderen.

    havo/vwo

35-D

Schriftelijke communicatie

De leerling schrijft in de Engelse taal, afgestemd op doel, publiek en context.

  1. 35-D-1

    Eenvoudige teksten over vertrouwde en alledaagse informatie, gevoelens en interesses.

  2. 35-D-2

    Deelnemen aan schriftelijke interacties over eenvoudige, feitelijke onderwerpen.

  3. 35-D-3

    Inzetten en uitbreiden van eenvoudige, veelgebruikte en alledaagse woordenschat, woordcombinaties, uitdrukkingen, zinnen en taalstructuren.

  4. 35-D-4

    Inzetten van digitale hulpmiddelen ter bevordering van het schrijfproces.

  5. 35-D-5

    Gebruiken van passende schrijfstrategieën.

  6. 35-D-6

    Overbrengen van feitelijke informatie in korte informele en formele schriftelijke interacties.

    havo/vwo

Zoek je Moderne vreemde talen: Engels voor het primair onderwijs? Bekijk kerndoel 33 t/m 34 van het primair onderwijs.

Bron: SLO, Kerndoelen voortgezet onderwijs (2026, derde druk). Wij nemen de tekst ongewijzigd over. Laatst gecontroleerd op 17 augustus 2026.