Digitale geletterdheid · primair onderwijs
Kerndoel 22: De leerling zet digitale technologie en digitale media in
De leerling zet digitale technologie en digitale media in.
4 onderdelen, 19 uitwerkingen · domein Praktische kennis en vaardigheden
Digitale systemen
De leerling zet digitale systemen functioneel in.
- 22-A-1
Beschrijven van de onderdelen en de werking van digitale systemen in termen van invoer-verwerking-uitvoer.
- 22-A-2
Gebruiken van de basale mogelijkheden van software voor communicatie, samenwerken, tekenen, rekenen, tekstverwerken, presenteren en beeld-, geluid- en videobewerken.
- 22-A-3
Beheren van bestanden in digitale omgevingen: gestructureerd ordenen, opslaan en opvragen.
- 22-A-4
Herkennen van digitale systemen in de eigen omgeving.
- 22-A-5
Onderhouden en aanpassen van digitale systemen en het oplossen van problemen daarmee.
Digitale media en informatie
De leerling navigeert doelgericht in het digitale media- en informatielandschap voor het verwerven en verwerken van informatie.
- 22-B-1
In kaart brengen van diverse media en bronnen, hun betrouwbaarheid en bruikbaarheid.
- 22-B-2
Hanteren van een geschikte zoekstrategie, zoekhulpmiddel en zoekopdracht.
- 22-B-3
Beoordelen van aangeboden en gevonden informatie op betrouwbaarheid en bruikbaarheid.
- 22-B-4
Beschrijven hoe makers van digitale media de aandacht van gebruikers trekken, vasthouden en beïnvloeden met kleurende en sturende technieken.
- 22-B-5
Benoemen van factoren die het aanbod en de zichtbaarheid van zoekresultaten beïnvloeden.
Data
De leerling verkent het gebruik van data en dataverwerking.
- 22-C-1
Beschrijven hoe uit data informatie gehaald wordt door doelgericht verzamelen, structuren en verwerken van data.
- 22-C-2
Begrip tonen hoe de resultaten van dataverwerking afhankelijk zijn van de herkomst, juistheid en volledigheid van de gebruikte dataset.
- 22-C-3
Beantwoorden van een vraag met behulp van een dataset.
- 22-C-4
Beschrijven van het gebruik van data in de eigen omgeving.
- 22-C-5
Reflecteren op het feit dat de gebruiker van digitale technologie bewust en onbewust data achterlaat en dat die door anderen gebruikt kunnen worden.
Artificiële Intelligentie (AI)
De leerling verkent AI.
- 22-D-1
Beschrijven van elementen van een AI-systeem.
- 22-D-2
Beschrijven hoe het gedrag van AI-systemen lijkt op menselijk gedrag.
- 22-D-3
Herkennen van veelvoorkomende AI-systemen en hun toepassingen in de eigen omgeving.
- 22-D-4
Verantwoord interacteren met een AI-systeem.
Zoek je Digitale geletterdheid voor het voortgezet onderwijs? Bekijk kerndoel 21 t/m 23 van het voortgezet onderwijs.
Bron: SLO, Kerndoelen primair onderwijs (juli 2026). Wij nemen de tekst ongewijzigd over. Laatst gecontroleerd op 17 augustus 2026.
